Broadcast Business Club met en over powervrouwen: “Vrouwenquotum is fataal voor de emancipatie”
29 april 2010, Tijdens de fotoshoot vragen de dames zich vol verwondering af waarom zij eigenlijk zo interessant zijn. “Ja we zijn vrouw, maar we doen gewoon ons werk,” is de overkoepelende mening. Bij de Broadcast Business Club zijn echter beduidend meer vrouwen dan anders, dus toch een voorbeeldfunctie voor Patty Geneste (CEO van Absolutely Independent), Marjolein van Westerloo (directeur Strix Nederland), Suzanne Kunzeler (manager kinderprogrammering NPO) en Madeleine de Cock Buning (commissaris bij het Commissariaat voor de Media)? Opvallend feit: er zat slechts een handjevol mannen in de zaal…
De Cock Buning kan niet zoveel met de benaming powervrouw, het thema van deze bijeenkomst. “Ik vind het een opmerkelijk begrip. Ineens is het een issue.” Van Westerloo vindt het bijna een belediging. “Waarom moet er een krachtterm bij komen? Ik neem mensen aan die goed zijn in hun werk. Je moet er veel voor over hebben om een baan aan de top én een gezinsleven te hebben. Een papadag is bij veel bedrijven nog niet geaccepteerd, een mamadag wel.” Kunzeler opent fel als haar wordt gevraagd of het voor haar makkelijker is omdat haar voorganger ook een vrouw is (Cathy Spierenburg, red.). “Aan mijn collega’s Roek Lips en Marcel Peek wordt nooit gevraagd hoe ze werk en privé combineren. Ik ben netmanager kinderprogrammering omdat ik de beste was.”
Krabbenmand
In de mediawereld staan relatief weinig vrouwen aan de top. Kunzeler zoekt de oorzaak in de journalistieke kleur van het Nederlandse medialandschap. “Van oudsher zijn mannen gespecialiseerd in de journalistiek en vervolgens doorgestroomd. Voor vrouwen ligt dat wellicht anders.” Van Westerloo signaleert dat er in de productiewereld wel meer vrouwen te vinden zijn. Geneste geeft aan dat het ook deels aan de vrouwen zelf ligt. “In mijn eigen omgeving zijn veel vrouwen die geen ambities hebben. Ze vinden het wel prima om drie dagen te werken. Willen vrouwen doorstromen, moeten ze de kans krijgen.” De Cock Buning ziet de oplossing in flexibele werktijden. “Als je in het weekend werkt, kun je op woensdagmiddag vrij zijn. Thuis werken kan tegenwoordig ook makkelijk. De maatschappij moet wat doen en de werkgever moet flexibel zijn.” Kunzeler vindt dat je in de media prima parttime kunt werken. “Je hoort trouwens nooit dat mannen er een baantje ‘bij’ doen. Ik geloof wel dat een beetje baan niet in drie dagen kan. Ambieer je een carrière, dan moet je er vol voor gaan.” Van Westerloo: “Vrouwen zijn naar elkaar toe erg kritisch. Je doet het nooit goed. Als je niet werkt om bij je baby te zijn, krijg je commentaar. Maar ga je daarna wel werken, dan ben je een slechte moeder.” De Cock Buning vergelijkt het gedrag van sommige generaties vrouwen met het fenomeen ‘krabbenmand’. “Als er één krab probeert uit te kruipen, helpt de ander niet, maar die trekt hem juist terug.”
Quotum
De Cock Buning wordt fel als het gaat over het al dan niet instellen van een quotum voor vrouwen aan de top. “Dat is fataal voor de emancipatie. Zo krijg je een excuus-Truus. Men vraagt zich dan af je of je aan de top bent gekomen omdat je vrouw bent. Dat quotum is misschien leuk voor de korte termijn, maar voor de lange termijn is het zó slecht.” “Absolutely Independent was een vrouwenbedrijf,” schetst Geneste. “Toen de eerste man in dienst kwam, werd hem gevraagd hoe hij het redde bij het bedrijf. Maar het was echt per ongeluk dat ik iedere keer een vrouw aannam.” Maar wat is dan het verschil tussen mannen en vrouwen aan de top? De Cock Buning: “Vrouwen hebben de neiging behoedzamer op te treden. Als er in de top van banken meer vrouwen hadden gezeten, was het wellicht anders gelopen. Het Commissariaat voor de Media is evenwichtig samengesteld en dat werkt erg effectief.” In haar werkwijze vertrouwt Van Westerloo ook op haar emotie. “Mannen hebben dat minder. Ik weet alles van mijn medewerkers. Met alleen maar vrouwen om mij heen heb ik soms wel de behoefte om een man aan te nemen. We hebben nu een mannelijke productieassistent voor Expeditie Robinson en als hij binnenkomt, verandert de sfeer. Er is meteen minder privépraat.” Kunzeler wil haar manier van leidinggeven niet ophangen aan het feit dat ze een rokje draagt. “Ik reageer anders op dingen. Wellicht omdat ik anders ben gebouwd, maar dat heeft ook te maken met karakter en interesses. Ik ben gewoon een ander persoon. Ik heb nooit anders gekeken naar man of vrouw. In mijn team zoek ik naar een leuke mix. Maar dan kijk ik ook of er een leuke homo bij is.”
Profileren
Geneste liep begin jaren tachtig stage bij een grote multinational. “Toen ik na drie maanden wegging, zei mijn stagebegeleider: ‘Ik wil je dit meegeven. Hou er rekening mee dat jij je twee keer moet bewijzen omdat je een vrouw bent. Als je dat accepteert, ga je het ver schoppen’.” De Cock Buning herkent dat uit haar tijd in de topadvocatuur. “Mannelijke cliënten zijn eerst sceptisch. Maar zodra je een aantal rechtzaken gewonnen hebt, kun je niet meer stuk.” Kunzeler pleit ervoor dat vrouwen beter zichtbaar zijn en zich nadrukkelijker profileren. De Cock Buning knikt. “Ambitie hebben is prima, maar toon dat ook. Een studente vroeg mij hoe ik alles combineer. Dat leg ik dan ook rustig uit. In mijn ogen hebben we een voorbeeldfunctie.” Van Westerloo: “Mannen maken het groter, vrouwen maken het kleiner en verkopen zich minder goed. Ik moet overal rekening mee houden. Ik ben de dochter van (Fons, red.), de zus van (Remko, red.), de partner van -(Ronald Goes, red.), ik ben vrouw èn blond. Er was altijd wel iets dat niet klopte. Intussen denk ik: Als jij hier moeite mee hebt, dan is het is toch echt jouw probleem.”